Kinderopvang, IKC en VVE

Kinderopvang, IKC en VVE

Kinderopvang is een breed begrip en is actueel op terreinen zoals pedagogische kwaliteit van de opvang, opvoeding, onderwijs en samenwerking tussen scholen en opvang. Er zijn verschillende vormen van opvang: kinderdagopvang (0-4 jarigen), peuterspeelzalen (2-4 jarigen) gastouderopvang (0-12 jaar) en buitenschoolse opvang (4-12 jaar). Voor al deze opvangvormen zijn wettelijke kwaliteitseisen opgesteld en instrumenten ontwikkeld om de pedagogische kwaliteit te monitoren.

In peuterspeelzalen én de kleutergroepen in het basisonderwijs wordt VVE (voor- en vroegschoolse educatie voor kinderen) aangeboden, speciaal voor verbetering van kansen in het onderwijs voor bijvoorbeeld anderstalige kinderen.

Samenwerking van het onderwijs met kinderopvang en andere buitenschoolse voorzieningen vindt steeds meer plaats, bijvoorbeeld in IKC’s (Integrale Kindcentra), die één geïntegreerd aanbod voor onderwijs, opvang en vrije tijd bieden.

Het Kohnstamm Instituut heeft veel expertise op alle bovengenoemde terreinen en doet onderzoek op deze terreinen.

maart 2016
Ouders tevreden over de Peuterschool
Ouders kiezen in eerste instantie om praktische redenen voor de Peuterschool: het is dichtbij of een ander kind uit het gezin zat al op de instelling. De meeste ouders, ook de hoger opgeleiden, zijn tevreden over de aanwezigheid van een VVE-programma en over de etnische diversiteit van de groepen.

Rapport 946, Veen, A., Daalen, M. van, Heurter, H., m.m.v. Pol, L. van der
Keuzemotieven voor en tevredenheid van ouders over de Peuterschool in Amsterdam
..meer
maart 2016
Amsterdamse Peuterscholen zijn goed op weg
Een jaar was te kort voor het ontwikkelen van een geïntegreerde voorziening met een hoogwaardig pedagogisch en educatief aanbod voor kinderen van tweeënhalf tot vier jaar. Toch is er al veel op gang gekomen, waaronder enkele gemengde groepen van doelgroep- en niet doelgroepkinderen.

Rapport 943, Veen, A., Daalen, M. van, Heurter, H., Bollen, I.
Ontwikkeling van IKC / de Peuterschool in Amsterdam
..meer
februari 2016
Dagarrangementen steeds beter georganiseerd
Scholen, BSO’s en partners voor naschoolse activiteiten binnen de Pilot gemeentebrede dagarrangementen zijn steeds beter in staat om dagvullende programma’s voor leerlingen te organiseren, zo blijkt uit onderzoek naar de pilot gemeentebrede dagarrangementen in de gemeenten Nijmegen, Wijchen en Zaanstad.

Rapport 940, Heemskerk, I.M.C.C., Emmelot, Y.W., Karssen, A.M., m.m.v Felix, C.
Monitor pilot gemeentebrede dagarrangementen. Eindrapportage.
..meer
januari 2016
Technisch rapport pre-COOL tweejarigencohort vierde meting beschikbaar
In schooljaar 2013-2014 werd de vierde meting van het tweejarigencohort van pre-COOL uitgevoerd. Doel van het pre-COOL onderzoek is om de effecten van deelname aan voorschoolse voorzieningen vast te stellen.

Rapport 941, Pre-COOL consortium
Pre-COOL cohortonderzoek. Technisch rapport tweejarigencohort, vierde meting 2013 – 2014.
..meer

Kwaliteitsmonitor Gastouderopvang
Voor het welzijn en de ontwikkeling van kinderen is het belangrijk dat de pedagogische kwaliteit in alle opvang goed is. Om de pedagogische kwaliteit in de opvang te meten en te monitoren zijn er wetenschappelijke instrumenten ontwikkeld. Daarnaast zijn er voor alle kinderopvangsoorten, behalve voor de gastouderopvang, praktijkinstrumenten ontwikkeld waarmee individuele opvangorganisaties zelf hun kwaliteit kunnen meten, monitoren en verbeteren. Een praktijkinstrument voor de gastouderopvang zou dezelfde positieve invloed op de pedagogische kwaliteit van de gastouderopvang kunnen hebben als de praktijkinstrumenten voor de kinderdagopvang (0-4 jaar) en de buitenschoolse opvang (4-12 jaar) . Gezien het feit dat een groot aantal kinderen gebruik maakt van deze professionele vorm van opvang en voor het compleet maken van de praktijkinstrumenten voor de hele opvangsector, is de ontwikkeling van een Kwaliteitsmonitor voor de Gastouderopvang een logische stap.
..meer

Op zoek naar wat werkt: Een gebruikersgericht evaluatieonderzoek van de Kinderfaculteit in Pendrecht
Na een pilotfase van maart tot juni 2014 heeft de Kinderfaculteit in de wijk Pendrecht in Rotterdam in het schooljaar 2014/2015 z?n eerste jaar achter de rug. In samenwerking met vijf basisscholen in deze wijk heeft de Kinderfaculteit dit schooljaar twee volwaardige lessenseries van 15 weken kunnen aanbieden aan meer dan 1000 leerlingen. Bij de Kinderfaculteit kunnen alle leerlingen na schooltijd elke dag educatieve, culturele en sportieve lessen volgen. In 2015/2016 zullen de lessenseries opnieuw aangeboden worden. Daarnaast wordt er dit jaar ook een Tutoring programma aangeboden.
..meer

Terugdringen van kleuterbouwverlenging
Vergeleken met andere landen is het percentage zittenblijvers in Nederland hoog. Het hoge percentage zittenblijvers in het basisonderwijs is voor een groot deel toe te schrijven aan het feit dat veel kinderen groep 2 nog een keer overdoen, de zogenoemde 'kleuterbouwverlengers'.
Het project 'Doorstroom van kleuters' van het ministerie van OCW en de PO-Raad is ontwikkeld om het percentage zittenblijvers in de kleuterbouw terug te dringen.
..meer
oktober 2015
Onderzoek Peutercollege Rotterdam
Rotterdamse kleuters aan de basisschool laten beginnen zonder (taal)achterstand. Dat is het doel van Stichting Het Peutercollege in Rotterdam. Om dat te bereiken biedt Het Peutercollege op vier locaties in de stad een intensief voorschools programma aan. Het Kohnstamm Instituut werkt mee aan onderzoek van het Verwey-Jonker Instituut naar naar de effecten van Het Peutercollege. Hierbij wordt onder meer gebruik gemaakt van de onderzoeksinstrumenten en databestanden van het pre-COOL cohortonderzoek.
..meer
september 2015
De oogst van twaalf jaar adviezen van de Onderwijsraad over vve en basisonderwijs
Tussen 2002 en 2014 heeft de Onderwijsraad ruim 40 adviezen uitgebracht over het primair onderwijs en het onderwijs aan het jonge kind. Het Kohnstamm Instituut heeft deze adviezen systematisch doorgenomen aan de hand van enkele vragen. Wat zijn de centrale gedachten in de adviezen en zijn ze consistent? Hoe reageert de regering op de adviezen en vinden de adviezen weerklank in het onderwijsveld en in de wetenschap?

Rapport 931, Ledoux, G., Blok, H., & Veen, A.
Acquis basisonderwijs en onderwijs aan het jonge kind; adviezen en verkenningen van de Onderwijsraad tussen 2002 en 2014.
..meer
juni 2015
De voorschoolse periode onderzocht
In het rapport ‘Pre-COOL cohortonderzoek; resultaten over de voorschoolse periode’ worden verschillende uitkomsten van analyses op data van het pre-COOL cohortonderzoek over de voorschoolse periode gebundeld. Het grootschalige pre-COOL cohortonderzoek volgt bijna drieduizend peuters en kleuters jarenlang en kijkt naar de invloed van voor- en vroegschoolse opvang en educatie op hun ontwikkeling. In dit rapport worden de eerste resultaten gepresenteerd, over de voorschoolse periode.

Rapport 932, Veen, A. & Leseman, P. (red.)
Pre-COOL cohortonderzoek. Resultaten over de voorschoolse periode.
..meer
mei 2015
Onderwijsachterstandenbeleid nog steeds nodig
Onderwijsachterstanden van kinderen met laagopgeleide ouders en van ouders van allochtone herkomst zijn een hardnekkig fenomeen in het onderwijs. Al jaren voert de overheid daarom een onderwijsachterstandenbeleid. Werkt dit beleid (nog) zoals bedoeld? En wat vraagt het van leraren basisonderwijs en leidsters in de voorschoolse voorzieningen?
Dat onderzochten het Kohnstamm Instituut en het ITS voor een aantal verschillende deelonderwerpen. De uitkomsten zijn nu bij elkaar gezet in een handzame brochure.

Rapport 15-3, Ledoux, G., e.a.
Het onderwijsachterstandenbeleid onderzocht. Werkt het zoals bedoeld?
..meer
maart 2015
Technisch rapport pre-COOL tweejarigencohort derde meting beschikbaar
AIn schooljaar 2012-2013 werd de derde meting van het tweejarigencohort van pre-COOL uitgevoerd. Doel van het pre-COOL onderzoek is om de effecten van deelname aan voorschoolse voorzieningen vast te stellen.

Rapport 937, Pre-COOL consortium
Pre-COOL cohortonderzoek. Technisch rapport tweejarigencohort, derde meting 2012–2013
..meer
februari 2015
Veel werk aan de winkel bij indicering voor voorschoolse educatie en bij uitvoeringspraktijk
Kinderen die achterblijven in hun ontwikkeling krijgen een indicatie voor voorschoolse educatie. Zij komen in een groep van 2,5- tot 4-jarige ‘doelgroepkinderen’, en krijgen een aanbod dat erop gericht is hen goed toegerust te laten starten in het basisonderwijs. De pedagogisch medewerkers krijgen in hun werk te maken met veel soorten achterstand, onder andere op het gebied van taal, cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling. In toenemende mate komen er ook kinderen in de groep met een gedragsstoornis of een probleem in de thuissituatie.

Rapport 15-1, Geert Driessen, Annemiek Veen, Maartje van Daalen, m.m.v. Yolande Emmelot en Iris Bollen
VVE-doelgroepkinderen in de voorschoolse fase. Indicering en aanbod
..meer
december 2014
Meetinstrument Pedagogische Kwaliteit Gastouderopvang ontwikkeld
Er is nu ook een wetenschappelijk meetinstrument beschikbaar waarmee de pedagogische kwaliteit van de gastouderopvang op een verantwoorde en betrouwbare manier in kaart kan worden gebracht. Het nieuwe meetinstrument sluit aan op bestaande instrumenten voor het meten van kwaliteit van de kinderdagopvang: 0-4 jaar (NCKO) en buitenschoolse opvang: 4-12 jaar (Kohnstamm Instituut), en bij meetinstrumenten die ook in het buitenland worden gebruikt.

Rapport 929, Gevers Deynoot-Schaub, M.J.J.M., Helmerhorst, K.O.W., Fukkink, R.G. & Bollen, I. (2014). Ontwikkeling Meetinstrument. Pedagogische Kwaliteit Gastouderopvang
..meer
december 2014
Gastouders in beeld. Een inventarisatiestudie onder gastouders in Nederland
Er zijn in Nederland bijna 40.000 gastouders, maar tot nu toe ontbrak het aan inzicht in de samenstelling van de gastouderpopulatie: wat is hun achtergrond, hun leeftijd, opleiding en ervaring? Hoeveel kinderen vangen zij op en waar doen zij dat (in hun eigen woning, of thuis bij de vraagouders)? Hoe flexibel is de gastouderopvang in de praktijk? Zijn er veel opa’s en oma’s bij en vangen zij dan ook nog andere kinderen op? Hoe ziet het professionele netwerk van gastouders eruit, zijn zij tevreden over de rol van het gastouderbureau en wat is hun visie op het beroep van gastouder?
Dankzij een landelijke enquête waaraan ruim 1550 gastouders hebben deelgenomen, zijn de Nederlandse gastouders nu goed in beeld.

Rapport 928, Boogaard, M., Bollen, I. Gastouders in beeld. Een inventarisatiestudie onder gastouders in Nederland
..meer
november 2014
Technisch rapport pre-COOL tweejarigencohort tweede meting beschikbaar
In schooljaar 2011-2012 werd de tweede meting van het tweejarigencohort van pre-COOL uitgevoerd. Doel van het pre-COOL onderzoek is om de effecten van deelname aan voorschoolse voorzieningen vast te stellen.

Rapport 913, Pre-COOL consortium Pre-COOL cohortonderzoek. Technisch rapport tweejarigencohort, tweede meting 2011–2012
..meer
november 2014
Goede emotionele ondersteuning op peuterspeelzalen
Peuterspeelzalen scoren goed op het bieden van ondersteuning van de emotionele ontwikkeling van kinderen in hun groepen. De scores voor educatieve kwaliteit daarentegen zijn laag tot gemiddeld. Dit blijkt uit een onderzoek in opdracht van het ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid naar de kwaliteit van peuterspeelzalen.

Rapport 903, Veen, A., Heurter, A.M.H., Veen, I. van der De pedagogische kwaliteit van peuterspeelzalen
..meer
oktober 2014
Nederlands gastouderbeleid is zo gek nog niet
Hoe kan het Nederlandse gastouderbeleid verbeterd worden en kunnen we hiervoor iets leren van andere West-Europese landen? Dat was de achterliggende gedachte van het inventarisatieonderzoek dat het Kohnstamm Instituut uitvoerde in opdracht van de directie Kinderopvang van SZW. De volgende zes landen zijn in dit onderzoek betrokken: België, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Zwitserland.

Rapport 922, Boogaard, M., Bollen, I., Dikkers, A.L.C. Gastouderopvang in West-Europese landen
..meer
oktober 2014
Invloed van het werk van de Commissie Dijsselbloem op onderwijsbeleid is beperkt
In 2008 publiceerde de Commissie Dijsselbloem haar kritische rapport over hoe de overheid beleid heeft gevoerd ten aanzien van enkele grote onderwijsvernieuwingen. Veel moest anders, volgens de Commissie, en ze stelde een groot aantal aanbevelingen op. Wat is daar, nu zes jaar later, van terecht gekomen? Is de wijze van beleidsvoering en beleidsontwikkeling veranderd?
Het Kohnstamm Instituut zocht dit uit voor de Onderwijsraad, voor acht verschillende beleidsonderwerpen. De conclusie: de impact van het werk van de Commissie is hooguit bescheiden.

Rapport 919, Ledoux, G., Eck, E. van, Heemskerk I.M.C.C., Veen, A., Sligte, H., m.m.v. Dikkers, A.L.C. en Bollen, I. Impact van de Commissie Dijsselbloem op onderwijsbeleid. Studie voor de Onderwijsraad; integrale versie.
Rapport 919A, Veen, A., m.m.v. Bollen, I. Impact van de Commissie Dijsselbloem op het VVE-beleid
Rapport 921, Ledoux, G., Eck, E. van, Heemskerk I.M.C.C., Veen, A., Sligte, H., m.m.v. Dikkers, A.L.C. en Bollen, I. Impact van de Commissie Dijsselbloem op onderwijsbeleid. Studie voor de Onderwijsraad; verkorte versie.
..meer
oktober 2014
Gemeenten goed op weg met implementatie van de Wet OKE
Betere kwaliteit en grotere financiële toegankelijkheid van peuterspeelzalen, beter en breder aanbod van voorschoolse educatie, verbeterde toeleiding van doelgroepkinderen naar voorschoolse educatie, en een verbeterd toezicht op de kwaliteit van voorschoolse voorzieningen, dat zijn de beleidsmaatregelen behorend bij de Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie (OKE) die in 2010 in werking trad. Door het Kohnstamm Instituut is een beleidsreconstructie uitgevoerd en is de implementatie van de wet in twaalf gemeenten onderzocht.

Rapport 918, Veen, A., Daalen, M.M. van, Blok, H. De Wet OKE. Beleidsreconstructie en implementatie in twaalf gemeenten
..meer
september 2014
Technisch rapport pre-COOL vierjarigencohort (tweede en derde meting) beschikbaar
In de schooljaren 2010-2011 en 2011-2012 vonden de tweede en derde meting van het vierjarigencohort van pre-COOL plaats. Doel van het pre-COOL-onderzoek is om de effecten van deelname aan voorschoolse voorzieningen vast te stellen. Het vierjarigencohort is in 2009 gestart met het verzamelen van gegevens bij kinderen die in het schooljaar 2009-2010 instroomden in basisscholen die deelnemen aan het COOL5-18-cohortonderzoek. Deze aansluiting op het COOL5-18-cohortonderzoek maakt het niet alleen mogelijk een beeld te schetsen van de situatie op een bepaald moment maar ook om op termijn ontwikkelingen in kaart te brengen en beleidsmaatregelen te evalueren.

Rapport 914, Veen, A., Veen, I. van der, Heurter, A., Paas, T., m.m.v. Merlijn Karssen Pre-COOL cohortonderzoek. Technisch rapport vierjarigencohort, tweede en derde meting 2010-2011 en 2011-2012
..meer
augustus 2013
Niveau Nederlandse taalontwikkeling bij peuters nog steeds belangrijkste indicator voor toeleiding naar VVE
In opdracht van FORUM is aan vier gemeenten gevraagd hoe ze hun doelgroep bepalen voor het voorschoolse deel van VVE. De gemeenten, die sinds de wet OKE hun eigen doelgroepdefinitie kunnen kiezen, blijken dat alle vier te doen in overeenstemming met de wet- en regelgeving. Ze hanteren alle vier het criterium 'risico op achterstand in de Nederlandse taal'. Drie van de vier gemeenten betrekken daarnaast het criterium 'laag opleidingsniveau van de ouders', op grond waarvan zij van de Rijksoverheid de vergoeding voor VVE ontvangen. Bij het samenstellen van de groepen in de voorschool zet één gemeente in op homogeniteit naar niveau van taalvaardigheid Nederlands, terwijl de andere drie juist heterogeniteit nastreven. In een verkenning van literatuur is nagegaan wat er bekend is over de effecten van groepssamenstelling op de ontwikkeling van kinderen.

Rapport 13-3, Daalen, M. van, Boogaard, M. Verkenning doelgroepbepaling en organisatie van de voorschool in Nederlandse gemeenten
..meer
mei 2013
Relatie tussen voor- en vroegschoolse educatie en kinderlijke ontwikkeling onderzocht
De resultaten uit twee onderzoeken naar voor- en vroegschoolse educatie, uitgevoerd in opdracht van de Programmacommissie Beleidsgericht Onderzoek Primair Onderwijs (BOPO) zijn samengevat in een brochure.

Rapport 901, Veen, A., Veen, I. van der, Karssen, A.M., Roeleveld, J. Deelname aan voor- en vroegschoolse educatie en de ontwikkeling van kinderen
..meer
mei 2013
Deelname aan en kwaliteit van VVE bekeken
Een hogere dubbele bezetting op de groep gaat samen met hogere scores op taal, vergeleken met geen of een lagere dubbele bezetting. Dit blijkt uit een onderzoek naar deelname aan voor- en vroegschoolse educatie en de latere ontwikkeling van kinderen.

Rapport 894, Karssen, A.M., Veen, I. van der, Veen, A., Daalen, M.M. van, Roeleveld, J. Effecten van deelname aan en kwaliteit van voor- en vroegschoolse educatie op de ontwikkeling van kinderen
..meer
mei 2013
Doorgaande lijn VVE goed gerealiseerd
In voorschoolse voorzieningen en basisscholen die al jaren samenwerken in het kader van voor- en vroegschoolse educatie, worden aspecten van een doorgaande lijn goed gerealiseerd. Een doorgaande lijn blijkt echter geen positief effect te hebben op de latere leerprestaties en het sociaal-emotioneel functioneren van kinderen. Dat geldt zowel voor de overgang van de voorschoolse voorziening naar de basisschool als voor de overgang van de kleutergroep naar groep 3 en verder. Dit heeft er vermoedelijk mee te maken dat op instellingen en scholen waar de zwaarste achterstandsgroep aanwezig is ook de meeste inspanningen worden gedaan om de doorgaande lijn te realiseren. Maar kennelijk is dat nog niet voldoende om de achterstand die deze groep heeft ten opzichte van meer kansrijke leerlingen, weg te werken.

Rapport 892, Veen, A., Karssen, A.M., Daalen, M.M. van, Roeleveld, J., Triesscheijn, B., Elshof, D. De aansluiting tussen voor- en vroegschoolse educatie en tussen vroegschoolse educatie en groep 3
..meer
november 2012
Technisch rapport pre-COOL vierjarigencohort (eerste meting) beschikbaar
In schooljaar 2009-2010 vond de eerste meting van het vierjarigencohort van pre-COOL plaats. Doel van het pre-COOL-onderzoek is om de effecten van deelname aan voorschoolse voorzieningen vast te stellen. Het vierjarigencohort is in 2009 gestart met het verzamelen van gegevens bij kinderen die in het schooljaar 2009-2010 instroomden in basisscholen die deelnemen aan het COOL5-18 cohortonderzoek. Deze aansluiting op het COOL5-18 cohortonderzoek maakt het niet alleen mogelijk een beeld te schetsen van de situatie op een bepaald moment maar ook om op termijn ontwikkelingen in kaart te brengen en beleidsmaatregelen te evalueren.

Rapport 880, Veen, A., Veen, I. van der, Heurter, A., Paas, T., Pre-COOL cohortonderzoek. Technisch rapport vierjarigencohort, eerste meting, 2009-2010
..meer
Marianne Boogaard en Mirjam Gevers
foto: Edgar Tossijn
juli 2012
Gemeenten weten risicogezinnen goed te bereiken met VVE
Gemeenten weten risicogezinnen goed te bereiken met voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Zelf hebben zij echter over het algemeen weinig zicht op het bereik van VVE. De meeste gemeenten weten niet welke groepen kinderen met de VVE-programma's worden bereikt en welke niet en brengen ook de redenen voor niet-bereik niet systematisch in kaart.

Rapport 874, Veen, A., Veen, van der I., Driessen, G., Het bereik van allochtone kinderen met Voor- en Vroegschoolse Educatie
..meer
juni 2012
Technisch rapport van de eerste meting van het pre-COOL cohortonderzoek beschikbaar
In schooljaar 2010/2011 vond de eerste meting van cohortonderzoek pre-COOL plaats. Bij deze eerste meting waren 2485 tweejarige kinderen en 263 voorschoolse voorzieningen (peuterspeelzalen, kinderdagverblijven, voorscholen) betrokken. Doel van het pre-COOL-onderzoek is de effecten van deelname aan voorschoolse voorzieningen vast te stellen. Omdat pre-COOL meerdere meetmomenten kent en aansluit op het COOL5-18 cohortonderzoek kan niet alleen een beeld worden geschetst van de situatie op een bepaald moment, maar kunnen op termijn ook ontwikkelingen in kaart worden gebracht en beleidsmaatregelen worden geëvalueerd.

Rapport 877, Pre-COOL consortium, Pre-COOL cohortonderzoek. Technisch rapport tweejarigencohort, eerste meting 2010 – 2011.
..meer
februari 2011
Samenwerking voorschoolse voorzieningen richt zich vooral op de inhoud
Gesubsidieerde samenwerkingsprojecten voorschoolse voorzieningen richten zich vooral op de inhoud De meeste van deze projecten zijn kleinschalig: één peuterspeelzaal en één kinderdagverblijf. In de projecten is veel aandacht voor het pedagogisch programma en klimaat en voor visie- en conceptontwikkeling. Vraag van ouders blijkt belangrijk bij zeven dieptestudies van samenwerkingsprojecten.

Rapport 846, Emmelot, Y., Veen, A.M., Heurter, A.M.H., Bongers, C., Roode, N. de, Vegt, A.L. van der, De samenwerking tussen voorschoolse voorzieningen in het kader van de harmonisatie.
..meer
oktober 2010
Schoolbesturen zijn weinig sturend bij de ontwikkeling van vve
Schoolbesturen zien de waarde van vve en voeren vve-beleid, in samenwerking met hun gemeenten. Echter, met name op scholen met minder "gewichtenleerlingen", worden de ontwikkeling van vve, en een goede aansluiting tussen het voorschoolse en het vroegschoolse deel, belemmerd door onvoldoende prioritering, financiële middelen, en vve-deskundigheid. Hierdoor blijken belangrijke randvoorwaarden voor vve, zoals 'dubbele bezetting' en certificering van leerkrachten, op veel scholen nog niet in orde.

Rapport 842, Veen, A., Daalen, M.M. van, & Heurter, A.M.H., Doorgaande leerlijnen voor- en vroegschoolse educatie.
..meer